Koloniën van Weldadigheid
4 juni 2025 - Dwingeloo, Nederland
Koloniën van Weldadigheid
Het begrip ‘Koloniën van Weldadigheid’ kwam ik tegen in de Uitkrant van Ruinen en omgeving. Deze organisatie dateert uit de negentiende eeuw en is opgericht om de plaatselijke bevolking onderwijs te geven en – mede daardoor – tot meer welvaart te brengen. Het is een initiatief van een zekere Johannes van den Bosch die het door Napoleon berooid achtergelaten Nederland weer op wilde bouwen.
De letterlijke tekst luidt: “Het doel der Maatschappij is hoofdzakelijk om den toestand der armen en lagere volksklassen te verbeteren door aan die mensen arbeid, onderhoud en onderwijs te verschaffen en hen uit dien toestand van verbastering op te beuren en tot een hoogere beschaving verlichting en werkdadigheid op te leiden.’ Je zou dit plan als het begin van de huidige verzorgingsstaat kunnen beschouwen. Zo komen er bijvoorbeeld in Veenhuizen (verplichte!) opvangplekken voor weeskinderen, landlopers en bedelaars.
Onder deze koloniën vallen plaatsen als Frederiksoord, Wilhelminaoord, Willemsoord, Ommerschans en Veenhuizen. Sinds 2021 behoren ze tot UNESCO’s Werelderfgoed. Het zijn oorspronkelijk landbouwkoloniën. De ‘kolonisten’ uit de steden uit het westen van Nederland kregen een lapje grond van 3 hectare en een koe. Hiermee zouden ze zelfvoorzienend kunnen zijn.
Met onze fietstocht van vandaag zijn we helaas niet verder gekomen dan Diever. Dat ook hier de akkerbouw van groot belang was en nog steeds is, werd ons al fietsend meer dan duidelijk. Grote en kleine boerderijen wisselen elkaar af en overal worden streekproducten aangeboden op de bekende tafeltjes langs de weg met een geldkistje er bovenop!
In Diever hebben we (weer op een Brink!) koffiegedronken, geluncht en het Oermuseum bezocht. Het museum is gevestigd in het Schultehuis, wordt gerund door vrijwilligers en was een echte verrassing. Een ‘Schulte’ is iemand die tegelijk burgemeester, rechter, notaris en deurwaarder is. Boer Berend Ketel was de eerste Schulte en bouwde begin 17e eeuw een prachtig huis, het zogenaamde Schultehuus. Hier oefende hij zijn ambt uit.
Sinds 2006 is het Oermuseum in dit pand gevestigd. Het museale verhaal begint bij de ijstijden en gaat via de mammoeten en Neanderthalers naar de jagers en verzamelaars, waarna de eerste boeren in Drenthe komen wonen. Er staat een grote replica van een mammoet. In een illustratief filmpje wordt de trektocht van deze prehistorische dieren verbeeld en wordt de evolutie van mammoet naar olifant aanschouwelijk gemaakt. Ook wordt er in het museum aandacht besteed aan de hunebedden en urnenvelden die door een zekere meneer Van Giffen minutieus in een zeer omvangrijk boekwerk beschreven zijn. Uiteraard zijn we even langs hunebed 52 gereden. Dit is in deze omgeving namelijk het enige hunebed; de andere hunebedden liggen meer naar het oosten.
Zowel de heen- als de terugweg was schitterend. We reden over mooie bospaden. Overal bloeiden de brem en de vlier en begonnen de rododendrons te kleuren. Bovendien werden we op onze tocht vergezeld door vrolijke koren van vogels die in allerlei toonsoorten aan het fluiten waren. Echt zomer dus!


Wat een leerzaam verhaal, dingen die ik helemaal niet weet.
Ook jullie fietstocht door bossen, is puur natuur.